EPA Parels
Een doorbraak op het gebied van het verlagen van de luchtvochtigheid in en het isoleren van de kruipruimte.

Het gevaar van een vochtige kruipruimte
Het klimaat in uw kruipruimte wordt bepaald door een groot aantal factoren, zoals de afmeting van de kruipruimte, het ventilatievoud van de kruipruimte en de mate, waarin de begane grondvloer of de kruipruimtebodem is geïsoleerd. Is de kruipruimtebodem erg vochtig dan zal door verdamping van dit vocht de relatieve luchtvochtigheid in de kruipruimte erg hoog zijn. Een dergelijke vochtige kruipruimte kan bijvoorbeeld leiden tot een extra vochtbelasting in de boven gelegen woning (toevoer van vochtige kruipruimtelucht) dan wel het houtvochtgehalte van houten begane grondvloeren dusdanig verhogen dat gevaar voor zwam (houtrot) ontstaat.

Verlagen van de luchtvochtigheid
Een van de methodes om de luchtvochtigheid in de kruipruimte te verlagen wordt gevormd door het aanbrengen van een bodemisolatie. Een dergelijke bodemisolatie zal enerzijds het warmteverlies via de begane grondvloer verlagen en anderzijds de verdamping van vocht vanuit de kruipruimtebodem sterk verlagen, zodat een droger kruipruimteklimaat ontstaat.

In de SBR-richtlijn nr 4: “Maatregelen in kruipruimten. Thermische en hygrische afscherming. Meet en beoordelingsrichtlijnen (Rotterdam 1993)” wordt een rekenmodel gegeven voor de warmte- en vochtbalans in een kruipruimte. In de genoemde richtlijn wordt hiervoor aangegeven dat het verschil in vochtconcentratie tussen de kruipruimte en de buitenlucht jaargemiddeld niet meer mag bedragen dan 1,6 gram per m³.

Samen met een toonaangevend producent van isolerende materialen heeft Epa Chips een uniek product ontwikkeld in de vorm van EPA Parels. Deze EPS parels voldoen reeds aan de SBR-richtlijn bij een laagdikte van 13 centimeter! Het voordeel van deze laagdikte is niet alleen een flinke kostenbesparing maar het heeft ook zeker zijn voordelen op technisch gebied. Kruipruimten dienen niet meer te worden afgegraven en zelfs de kleinste kruipruimten komen in aanmerking!
Het is mogelijk de parels via het ventilatierooster aan te brengen.

Een onderzoek van TNO heeft de volgende warmteweerstand (RD) waarden Vastgesteld:

Laagdikte 13 cm. RD-waarde 2.708
Laagdikte 15 cm. RD-waarde 3.125
Laagdikte 20 cm. RD-waarde 4.166

Laagdikte 25 cm. RD-waarde 5.208
Laagdikte 30 cm. RD-waarde 6.250
Laagdikte 35 cm. RD-waarde 7.292